Columns

Slachtoffer Alexandra

augustus 2020

Heeft ú het óók gedaan, deze zwoele zomerdagen? Flesje wijn open, biertje erbij? Uitgebreid smikkelen van vleesbuffetten? Het kán bijna niet anders of u stak de barbecue aan! En – schrikt u niet hoor, u heeft het immers niet expres gedaan – de kans is zeer aanwezig dat u zich toen tegoed deed aan mijn naamgenoot! Een mals stukje rundvlees genaamd ‘Alexandra’. Hoewel ik Alexandra’s tragische eindbestemming nu al verklapt heb, wil ik toch haar verhaal met u delen. Een verhaal over hoe koeienvlees zoal op uw bord belanden kan. Wellicht is het nieuw voor u, en hopelijk interessant!

U kent vast de gebruikelijke, grote lijnen: een dier wordt, als de tijd rijp is, per veewagen naar een slachthuis vervoerd, daar gekeurd en geslacht, om uiteindelijk keurig verpakt in winkelschappen te komen.

Ik ontmoette Alexandra als kalfje. Ik liep met haar veehouder langs haar stal toen hij terloops zei: “Kijk Alexandra, deze hier hebben we Alexandra genoemd.” Apetrots was ik! Vernoemd! Het werd terstond ‘t schattigste kalf op aarde! Kalf Alexandra vond mij daarentegen helemaal niet leuk. Af en toe ‘moest’ ik iets met haar. Een prikje geven, soms… en later, toen ze ouder werd een rectaal echo-onderzoek voor een drachtcontrole. Gelukkig werd zij een blakende, drachtige pink en kreeg zij weinig van mij te verduren.

Maar toen ging het fout. Vanuit het niets vond de veehouder haar midden op de stalvloer. Hoe hij en zij ook probeerden, Alexandra kon absoluut niet overeind komen. Ik onderzocht haar. Ze oogde fit en alle bevindingen van haar lichamelijk onderzoek waren, afgezien van het feit dat ze lag en knarsetandde, volkomen normaal. Ik concludeerde dat er sprake moest zijn van een ongeluk. Zodanig ernstig, dat er iets kapot was in haar lijf. Iets wat we niet van de buitenkant konden vaststellen, maar wat haar belette om te staan. Iets bovendien, wat we mogelijk niet konden repareren.

Onze opties. We konden haar pijn verzachten en afwachten of zij de komende dagen zou opstaan, met veel twijfels óf en wannéér dat ooit zou gebeuren. Ik kon haar direct uit haar lijden verlossen middels euthanasie. Of … we konden haar laten slachten. Op die manier was Alexandra weliswaar verloren, maar zou de veehouder in ieder geval nog wat vleesopbrengsten kunnen oogsten. Maar niet via de normale manier! In Nederland mogen dieren die niet zelfstandig op vier pootjes een veewagen oplopen namelijk niet levend vervoerd worden. Een goede zaak, want transport kan voor zulke beesten ondraaglijk zijn. Echter, voor dieren die verder kerngezond zijn, maar door een ernstig ongeval hoogstwaarschijnlijk nooit meer beter worden, is er een alternatief: de zogenaamde ‘noodslacht’. Hierbij gebeurt de eerste stap van het slachtproces – het doden – op het bedrijf zelf, na goedkeuring en in bijzijn van een dierenarts en zonder onnodige pijnlijke verplaatsing van het dier. Daarna brengt de veehouder het dier onmiddellijk naar het slachthuis. En, dit moet zeker eens gezegd worden: op Texel hebben we geluk dat we hierbij een fantastische samenwerking hebben met slachter Cor Boschma. Hij staat alle dagen van de week voor ons en de veehouders klaar om deze noodslacht uit te voeren.

Alexandra’s lot moge duidelijk zijn, ‘t werd de noodslacht. Gered was zij hiermee niet, maar zinvol was het wel. Want daar, in het slachthuis, werd haar probleem duidelijk: ingekapseld in een dikke laag spieren (of, voor de vleesliefhebber, een dikke laag biefstukken) lag daar haar bovenbeen, als een twijgje in twee stukken gebroken. Ze zou nooit meer beter zijn geworden.

Dierenarts Alexandra Bogerman 

Eten fijn, voetjes pijn!

juni 2020

Laten we ons eens blootstellen aan de verbeeldingskracht. Voordat we beginnen moet ik zeggen: ik ben gewoonlijk géén voorstander van het vermenselijken van dieren. Maar omdat zelfs ik mijzelf met regelmaat betrap op een kirrend “Kom eens bij mama!” jegens mijn katten (ja heus), denk ik dat dit experimentje voor één keer door de beugel kan…

Beeldt u zich het volgende in: u bent dol op patat! Dikke friet, dunne friet, in airfryer of bakvet, ‘t maakt u niks uit. Liefst alle dagen! Smakelijker nog met klodders saus en vette snacks! Jarenlang propt u zich plezierig vol. Maar dan merkt u dit: telkens als u veel patat eet, krijgt u ontstekingen onder al uw teennagels. Hete, kloppende voeten, dat doet zeer! Tot overmaat van ramp proberen de botjes in uw voeten zich een weg naar buiten te wurmen via uw voetzolen. Nog erger: dit wordt waarschijnlijk een levenslang probleem. Au zeg!

Einde verbeelding, terug naar de feiten. Want hoewel bovenstaande lachwekkend belachelijk klinkt, is dit ziektebeeld voor veel pony’s een feit. Vooral in de lente, als het gras lekker snel groeit en veel suikers bevat. Deze ziekte, die meestal veroorzaakt wordt door een stofwisselingsstoornis, al dan niet in combinatie met teveel suikers in het dieet, heet ‘hoefbevangenheid’. Het is een ontsteking tussen de hoefwand (ofwel nagel) en het hoefbot. Als zo’n ontsteking niet onmiddellijk geremd wordt, bestaat er kans dat het hoefbot na verloop van tijd steeds verder kantelt richting voetzool, wat – u kunt het zich nu inbeelden - extreem pijnlijk is. De ziekte is weliswaar niet acuut dodelijk, maar kan hierdoor op den duur wel levensbedreigend zijn. Alle dagen pijn en niet of nauwelijks kunnen lopen, is tenslotte niet met een paardenleven verenigbaar.

Ondanks dat Texel inmiddels snakt naar regenbuien, groeide er wel degelijk gras, en zagen onze dierenartsen ook dit gortdroge voorjaar pony’s die stokkreupel werden na maaltijden van teveel vers gras. Eén van mijn patiënten was Jitse, een hoogbejaarde shetlander. Jitse was dol op gras, maar door een onderliggende stofwisselingsziekte was hij extra gevoelig voor hoefbevangenheid! Jitse’s eigenaren herkenden zijn symptomen: jaarlijks was Jitse plots dagenlang kreupel en niet blij. Normaal ebde de kreupelheid vanzelf weg zodra hij op rantsoen ging. Nu niet.

Na weken op droog hooi en water liep Jitse nog steeds ‘op eieren’. ‘t Liefst liep hij helemaal niet! De eigenaren vroegen zich af: is het leven nog wel leuk voor Jitse? Als hij van pijn geen stap verzet? Als hij moet missen waar hij ’t meest van houdt: mals gras?

De behandeling van hoefbevangenheid heeft veel voeten in aarde, maar de eigenaren gaven de hoop nog niet op. Allereerst kreeg Jitse ontstekingsremmers en bloedverdunners, om de ontsteking en pijn te helpen stoppen. Verder werden zijn warme ontstoken hoeven dagelijks gekoeld met water en nat zand. Wie ook van onschatbare waarde zijn bij de behandeling van hoefbevangen pony’s, zijn hoefsmeden. Met vaak bekappen en soms een speciaal hoefbeslag, hebben zij onmisbare invloed op het herstel! Wist u dat er zelfs schoenen bestaan voor paarden, die het leven voor chronisch bevangen dieren stukken aangenamer kunnen maken? En als dat bij deze patiënt allemaal niet werkt, kan een röntgenfoto van de hoeven verduidelijking geven over hoe erg de hoefbotjes gekanteld zijn.

En Jitse? Die vond alles best. Maar bij mijn laatste advies had hij zijn bedenkingen: levenslang beperkt eten van patat! Oh nee, gras!

Dierenarts Alexandra Bogerman 

Reilen en zeilen

juli 2020

Bladerend door de praktijkagenda spitte ik onlangs de junimaand door, speurend naar toffe columnpatiënten. Ik vind mijn werk nooit suf, maar ik kon mij niet aan de indruk onttrekken dat ik de afgelopen tijd vooral besteed had aan routineuze bedrijfsbezoeken, stapels rapportjes schrijven en werkoverleg plegen met jan en alleman. En daarover lezen is suf. U wilt actie! Een kijkje achter de schermen!

Het is natuurlijk ongehoord te pronken met andermans patiënten, maar eerlijk is eerlijk: als u een boeiende glimp achter de schermen waardeert, dan moeten we bij onze gezelschapsdierenartsen gluren. Met een beetje geluk beperken uw dierenartsbezoeken zich tot de balie, wachtkamer en spreekkamers. Uw huisdier mijdt immers liefst onze opnameruimte, röntgenkamer, gebitsbehandeltafel of operatiekamer. Toch belanden daar maandelijks talloze, uiteenlopende patiënten. Meestal onder zeil. In deze column koekeloeren we daarom ‘backstage’, voor een korte schets van wat dierendokters Maaike, Kim en David recentelijk uitvoerden bij onze narcosepatiënten.

Allereerst keken zij veel tv! Enkele hondjes doorstonden namelijk een endoscopie van hun slokdarm en maag. Hierbij wordt een camera ingebracht om letterlijk te zien wat er loos is. De dierenarts kijkt live mee op een tv-scherm en neemt wanneer nodig orgaanhapjes voor uitgebreider onderzoek. Modern en supernuttig, want zo kunnen bijvoorbeeld tumoren en ontstekingen gediagnosticeerd worden. Ook kunnen zij vreemde voorwerpen veilig opvissen die te gevaarlijk zijn om uit te braken of te poepen, zoals vishaakjes. Allemaal zonder operatiemes!

Verder vertrokken heel wat patiënten een tikkeltje lichter dan zij aankwamen. Nee, liposuctie doen we niet! Maar er worden wel veel ‘stukjes dier’ achterovergedrukt in onze OK.  Zo werden naast de voor de hand liggende testikels, eierstokken en verdachte bulten, ook complete baarmoeders en stukken melkklierweefsel verwijderd; zware, maar vaak levensreddende operaties die ongelukkigerwijze regelmatig voorkomen bij teefjes met baarmoederontsteking en borstkanker.
Sommige dieren krijgen noodzakelijkerwijs een metamorfose nadat zij in onze OK behandeld zijn, zoals katten Babbel en Pluk. Babbel onderging een pootamputatie na een onfortuinlijke botbreuk, en Pluk moet het voortaan zonder staartje stellen nadat deze gebroken en verlamd raakte en geamputeerd werd.
Soms ook vinden onze dierenartsen een trofee! Maaike diepte tijdens een operatie laatst een potje vol knikkergrote blaasstenen op uit een klein lief hondje.

Dieren krijgen ook dikwijls een roesje voor handelingen waarvoor mensen juist nooit onder narcose gaan. Omdat het anders te pijnlijk voor het dier is bijvoorbeeld, of te gevaarlijk voor onszelf. Denk aan ontstoken oortjes schoonspoelen, gebitsbehandelingen, röntgenfoto’s maken van pijnlijke lijfjes en bloedafname bij bange, bijtgrage beestjes. Het credo ‘even stilzitten, dan is het snel voorbij’ krijgen we helaas niet bij alle dieren aan ‘t verstand gepeuterd.

Óf u met uw huisdier ooit bij ons backstage verzeild raakt, weet niemand. Maar tóch, heel soms, zou ik willen dat u werkelijk kon meekijken. Eventjes maar, om ‘t hoekje….
U zou onze brandschone, compleet uitgeruste operatiekamer zien, legio afgepaste narcosemogelijkheden, infusen, professioneel gesteriliseerde operatiesetjes – één voor elke patient, waardoor antibioticakuren voor standaardoperaties bij ons overbodig zijn. U zou ons gasnarcose-en zuurstofapparaat zien, waarmee wij hartslag en ademhaling van uw huisdier monitoren, ja zelfs beademen kunnen als ’t moet. U zou onze steriele operatiekledij zien, ons elektrisch operatiemes wat bloedvaatjes dichtschroeit en bloedverlies helpt te verminderen. U zou horen hoe wij gratis nacontroles bieden aan narcosepatiënten, zoveel als nodig. U zou merken hoe uw huisdier van aankomst tot vertrek nauwlettend begeleid wordt door onze kundige paraveterinairen. U zou toewijding, betrouwbaarheid en professionele kwaliteit zien van ons voltallige team, 24 uur per dag!

En tja, ik geef ruiterlijk toe dat ik nu poch met mijn collega’s, maar… stiekem ben ik daar oprecht heel trots op!

Dierenarts Alexandra Bogerman 

Alles of niets

mei 2020

Het was bijna bedtijd. Ik had dienst en begon al te gapen toen een man opbelde in lichte paniek. Zijn hond was patsboem ingestort. Zojuist nog een blokje om geweest, geen vuiltje aan de lucht….en nu zakte hij in elkaar! Ze kwamen direct naar de praktijk. De hond bleek er hopeloos aan toe; lijkbleek, benauwd en met vreselijke buikpijn. “Doet u alstublieft alles wat u kunt! Hij is mijn beste vriend!” Haasje, repje ging ik te werk: lichamelijk onderzoek, bloedonderzoek, infusen, buikpunctie en uitgebreid overleggen met meneer. De hond was stervende, dat was overduidelijk. Massale buikbloeding. Hij zakte langzaam in coma. “Is er niets wat we kunnen doen? Maakt niet uit wat het kost!” “Ik vrees van niet.” En ik schoof de man de doos tissues toe.

Het inslapen volgde. Daarna tijd nemen voor de diepbedroefde eigenaar, duidelijk uitleggen, troosten naderhand…. Tot slot de onvermijdelijke vraag, waar niemand op zit te wachten als zijn hond – een dierbare – nog warm op tafel ligt. “Wat wilt u met Boris doen?” De opties uitleggen. Een crematie kan absoluut, meneer. Dat kost aardig wat. Toch liever niet? Nee klopt, Boris merkt er niks van. Tja, dan heb je nog de optie ‘begraven’, hoewel dat eigenlijk niet mag. Of ik u al een gat zie spitten voor een hond van zesenveertig kilo? Ik niet, maar mensen hebben er soms veel voor over. Nee, zonder tuin zou ik daar ook niet voor kiezen. Laatste optie: u laat Boris hier bij ons. Wat er dan gebeurt? Ook een soort crematie, maar met heel veel dieren bij elkaar. Of dat netjes gebeurt? Uhm, ‘netjes’ is misschien niet het woord wat dit het beste omschrijft. Het gebeurt. Feitelijk wordt Boris met andere overleden dieren opgehaald, en naar een groot soort crematorium gebracht. Nee, eerbiedig zou ik het niet noemen. Wel praktisch en betaalbaar.

Meneer dacht lang na. Hij koos ervoor om Boris hier te laten. “Dag Boris,” zei hij. We namen afscheid. Nu nog het patiëntendossier invullen, neertypen hoe het Boris het afgelopen uur was vergaan, de spreekkamer schoonmaken. Gapend knipte ik de praktijklichten uit. Het was ver ná bedtijd.

De telefoon ging opnieuw. Een doodkalme meneer. “Mijn kat is net aangereden, hij ademt gek. Ken ik effe komen?” Ze waren snel op de praktijk. Vlug keek ik het dier van kop tot staart na.
“Ik voel geen breuken en zijn reflexen doen het nog, dat is gunstig. Hij is erg benauwd en inwendig letsel is niet uit te sluiten. We kunnen hem vannacht opnemen in onze zuurstofkooi, infuus en pijnstilling geven totdat hij stabiliseert. Daarna eventueel verder onderzoek. Ik kan niet garanderen dat het goedkomt, maar er is een kans. De andere optie is inslapen.”
“Geen garantie? Daar begin ik niet aan, al die poespas! Vast stervensduur en ook nog een dooie kat. Geef maar een spuitje.”
“Weet u het zeker?” De man knikte zonder een traan te laten.
“Oké, ik vertel u hoe het gaat.”
“Mens, doe niet zo mal, ’t is maar een kat hoor! En ik hoef er toch niet bij te wezen hѐ? Hou hem maar hier na afloop. Fijne avond!”

Dierenarts Alexandra Bogerman